Maak eerst de basilicumolie door de basilicum met de olijfolie te blenden tot een gladde olie. Breng op smaak met fijn zeezout en zwarte peper en zet apart.
Kook de krieltjes 8 minuten in gezouten water en giet af. Dep de kipdijfilets droog en bestrooi met zout en peper.
Verhit een scheut olijfolie in een ruime pan en bak de kipdijfilets rondom goudbruin in 6 tot 8 minuten. Haal ze uit de pan en zet apart.
Fruit in dezelfde pan de ui 4 tot 5 minuten tot licht goudbruin. Voeg de knoflook toe en bak 1 minuut mee. Blus af met de witte wijn en laat tot de helft inkoken zodat de alcohol verdampt en de smaak geconcentreerd wordt. Voeg slagroom, bouillon, Dijonmosterd, citroenrasp en een snuf nootmuskaat toe. Roer goed door tot een gladde saus.
Voeg de krieltjes toe en leg de kip terug in de pan. Laat dit 15 tot 20 minuten zachtjes stoven tot de kip gaar is en de saus iets indikt. Voeg indien nodig een scheut warme bouillon toe om de saus soepel te houden.
Voeg de spinazie en doperwten in delen toe en laat kort slinken in 1 tot 2 minuten.
Breng op smaak met citroensap, zout en zwarte peper. Roer eventueel de Parmezaanse kaas erdoor voor extra romigheid en umami.
Verdeel over borden en lepel de basilicumolie eroverheen. Werk af met grof zeezout en extra zwarte peper. Serveer met knapperig stokbrood.